IMA-studie: Ereloonsupplementen bij ambulante CT en MRI dalen sterk, maar stijgen voor andere beeldvorming

In 2024 werd bij 22% van de ambulante MRI’s en 2% van de CT-scans een ereloonsupplement aangerekend. Deze percentages zijn sterk gedaald in vergelijking met 2021, toen het respectievelijk om 44% en 21% ging. Daarbij is er ook een sterke daling in het totale bedrag aan geattesteerde ereloonsupplementen aan patiënten. Beide dalingen zijn het gevolg van een verbod op ereloonsupplementen voor deze prestaties op werkdagen tussen 8u en 18u. Deze bevindingen staan in een nieuw rapport van het Intermutualistisch Agentschap omtrent de ereloonsupplementen bij ambulante medische beeldvorming in ziekenhuizen. Er is echter een sterke stijging te zien van de ereloonsupplementen voor andere beeldvormingstypes, waardoor het totale volume niet is gedaald.

MRI en CT zijn twee medische beeldvormingstechnieken die, omwille van de zware apparatuur, nagenoeg enkel in ziekenhuizen uitgevoerd kunnen worden. Het gaat om dure onderzoeken, waarvan het grootste deel wordt gefinancierd door de verplichte ziekteverzekering. In de ambulante zorg mogen geen ereloonsupplementen aangerekend worden indien de zorgverstrekker geconventioneerd is. Als de radioloog echter niet-geconventioneerd is, en dus niet enkel de officiële tarieven aanrekent maar
ook ereloonsupplementen, kan de factuur voor de patiënt hoger uitvallen.

Om deze prestaties financieel toegankelijk te houden, mogen er sinds 4 december 2023 geen ereloonsupplementen meer aangerekend worden voor CT-scans en MRI’s. Dit is echter wel nog toegestaan voor onderzoeken uitgevoerd door niet-geconventioneerde artsen tussen 18u00 en 8u00, in het weekend of op feestdagen, indien de patiënt hier uitdrukkelijk om vraagt en er geen sprake is van een medische noodsituatie.

Dit verbod heeft er toe geleid dat het aantal CT-scans en MRI’s, waarvoor ereloonsupplementen werden aangerekend, sterk is gedaald. In 2024 gebeurde dit voor 2% van de CT-scans (2021: 21%) en 22% van de MRI’s (2021: 44%). Het totale volume van de ereloonsupplementen voor MRI’s is 25% gedaald (van 16 miljoen naar 12 miljoen euro) en voor CT-scans zelfs 87% (van 8 miljoen naar 1 miljoen euro).

Tegelijkertijd zijn ereloonsupplementen voor andere types ambulante medische beeldvorming, uitgevoerd door een radioloog in een ziekenhuis, sterk gestegen, van 8 miljoen euro in 2021 naar bijna 20 miljoen euro in 2024. Om die reden is het totaalbedrag van de ereloonsupplementen niet gedaald.

Achter deze cijfers gaan grote verschillen tussen de ziekenhuizen schuil. In meer dan de helft van de ziekenhuizen worden geen ereloonsupplementen aangerekend voor MRI of CT-scans. Omgekeerd wordt meer dan 50% van alle ereloonsupplementen voor MRI of CT aangerekend door 10 ziekenhuizen. Over het algemeen zijn dit dezelfde ziekenhuizen waar ook ereloonsupplementen voor andere beeldvormingstechnieken worden aangerekend.

In één op zes ziekenhuizen zijn alle radiologen die CT- en/of MRI-scans uitvoeren volledig geconventioneerd. Enkel in die ziekenhuizen heeft de patiënt tariefzekerheid voor deze onderzoeken. In meer dan één op vier van de ziekenhuizen zijn er geen volledig geconventioneerde radiologen die CT- en/of MRI-scans uitvoeren. Het merendeel van deze ziekenhuizen situeert zich in Vlaanderen en Brussel. In deze ziekenhuizen is dus geen tariefzekerheid voor de patiënt voor onderzoeken uitgevoerd tussen 18u00 en 8u00, in het weekend of op feestdagen.

Bijlagen

Het persbericht als PDF
De volledige IMA-studie

Perscontact IMA

Sofie Vanassche – 0478 438 726