Wie bespaart op gezondheidszorg, verzwakt onze welvaart
Solidaris vraagt de federale regering om andere begrotingskeuzes te maken
Bijna 4 miljard euro besparen in de ziekteverzekering lijkt misschien een snelle manier om de federale begroting op orde te krijgen. In werkelijkheid dreigt de regering daarmee economische groei, werkgelegenheid en sociale bescherming te ondergraven. Gezondheidszorg is geen loutere uitgavenpost. Ze is een investering in mensen én in onze economie.
Volgens Le Soir bevat de begrotingsnota van de premier 1,7 miljard euro aan besparingen in de gezondheidszorg, 750 miljoen euro via het statuut van verhoogde tegemoetkoming en meer dan 1 miljard euro via nieuwe maatregelen voor langdurig zieken. Er is nog niets beslist. Maar de richting is duidelijk — en ze vertrekt van een economische denkfout. Want wie de economie wil versterken door de gezondheidszorg af te bouwen, zaagt aan de tak waarop onze welvaart rust.
Gezondheidszorg is een economische motor
Geld voor gezondheidszorg verdwijnt niet in een bodemloze put. Het financiert zorgverleners, maar ook producenten van medisch materiaal, leveranciers, bouwbedrijven en tal van dienstverleners. Elke investering in zorg zet dus ook elders economische activiteit in beweging.
Het Federaal Planbureau becijferde dat 100 euro bijkomende vraag in de gezondheidszorg leidt tot 145 euro totale productie in de Belgische economie. Honderd extra jobs in de zorg- en welzijnssector gaan bovendien gepaard met 22 bijkomende banen in andere sectoren. Die cijfers uit 2014 zijn geen exacte raming van de maatregelen die vandaag op tafel liggen, maar ze tonen wel hoe sterk zorg en economie met elkaar verweven zijn.
Internationaal onderzoek op basis van gegevens uit 33 OESO-landen bevestigt dat publieke gezondheidsuitgaven aanzienlijke positieve multiplicatoreffecten hebben, vooral wanneer de economie vertraagt. Besparen op zorg remt daarom niet alleen de zorgverlening af, maar ook investeringen, aanwervingen en activiteit in andere sectoren.
Een gezonde bevolking draagt onze welvaart
Ziekte heeft gevolgen die veel verder reiken dan de individuele patiënt. Ze leidt tot afwezigheden, inkomensverlies, uitstroom uit de arbeidsmarkt en extra druk op mantelzorgers. Zo dalen de economische productie en de fiscale ontvangsten, terwijl de uitgaven voor sociale bescherming stijgen.
Volgens het McKinsey Health Institute kunnen bewezen gezondheidsinterventies tegen 2050 wereldwijd tot 12.500 miljard dollar extra economische productie per jaar opleveren. De precieze omvang hangt af van de gehanteerde aannames, maar de kernboodschap is: het economisch belang van een gezonde bevolking is onmiskenbaar.
Wie meer mensen aan het werk wil, moet hun gezondheid en hun kansen op werk versterken. Een toegankelijk zorgsysteem, preventie, geestelijke gezondheidszorg, revalidatie, kwaliteitsvolle jobs en aangepaste arbeidsomstandigheden zijn daarbij essentiële hefbomen. De bescherming afbouwen en tegelijk hogere werkzaamheid verwachten, is tegenstrijdig.
Zorg uitstellen verhoogt de uiteindelijke factuur
Besparingen in de gezondheidszorg betekenen in de praktijk vaak dat patiënten een groter deel van de kosten zelf moeten dragen. Daardoor stellen mensen noodzakelijke zorg uit of zien ze er helemaal van af.
Een raadpleging die duurder wordt, doet een ziekte niet verdwijnen. Laattijdige behandeling kan leiden tot ziekenhuisopnames, zwaardere therapieën en langdurige arbeidsongeschiktheid. Wat vandaag als een besparing wordt ingeschreven, verhoogt morgen de zorgkosten.
België telt 529 vermijdbare ziekenhuisopnames per 100.000 inwoners, tegenover gemiddeld 473 in de OESO. Tegelijk gaat slechts 1,8 % van onze gezondheidsuitgaven naar preventie, tegenover 3,4 % gemiddeld in de OESO. De logische keuze is dan ook niet minder zorg, maar meer vroegtijdige en doelgerichte zorg: een sterke eerste lijn, meer preventie, betere geestelijke gezondheidszorg en een consequente opvolging van chronische aandoeningen. Dat moet uiteraard samengaan met een kordate aanpak van overconsumptie en onnodige medische prestaties.
Bovendien dragen patiënten vandaag al een zware last. In 2023 betaalden Belgische gezinnen 21,5 %van hun gezondheidsuitgaven zelf. Dat is aanzienlijk meer dan het EU-gemiddelde van 14,9 % en meer dan in Frankrijk, Duitsland en Nederland. Hogere remgelden, lagere terugbetalingen of een uitholling van het recht op verhoogde tegemoetkoming zouden de drempel tot zorg verder verhogen — vooral voor wie vandaag al kwetsbaar is.
Een geloofwaardige begroting vraagt eerlijke inkomsten
Een maatregel die de uitgaven op papier verlaagt, verbetert niet automatisch de overheidsfinanciën. Als ze de economische activiteit afremt, mensen uit de arbeidsmarkt duwt of kosten naar later verschuift, is de begrotingswinst slechts schijn.
Daarom moet het begrotingsevenwicht sterker steunen op bijkomende en rechtvaardige inkomsten. Volgens het Instituut Athéna draagt de sociale zekerheid bijna 46 procent van de gecumuleerde netto-besparingen tijdens deze legislatuur, terwijl slechts 7,5 procent van de inspanning bij de sterkste schouders wordt gelegd. Ook economen Paul De Grauwe en Michel Gevers wezen onlangs in Knack op de rol van fiscale keuzes bij de uitholling van de overheidsinkomsten.
Efficiëntie in de zorg is noodzakelijk. Verspilling en ondoelmatige uitgaven moeten worden aangepakt. Maar essentiële gezondheidsuitgaven mogen niet langer de permanente besparingspost van de begroting zijn. De regering moet grotere bijdragen vragen van grote vermogens en kapitaalinkomsten, fiscale fraude en ontwijking krachtiger bestrijden en fiscale voordelen zonder aantoonbare maatschappelijke meerwaarde herevalueren.
Dat is geen pleidooi tegen begrotingsdiscipline, maar vóór een begroting die alle gevolgen meerekent en de inspanningen rechtvaardig verdeelt. Als collectieve bescherming telkens wordt afgebouwd terwijl alternatieve inkomstenbronnen grotendeels buiten schot blijven, is een begroting in evenwicht mischien niet het hoofddoel. Niet alleen hoe we besparen is van belang, maar ook wie de rekening betaalt.
Trouwens de omvang van de gezondheidsuitgaven in België is niet uitzonderlijk. In 2023 bedroegen ze 10,7 % van het bruto binnenlands product, tegenover 11,7 % in Duitsland en 11,5 % in Frankrijk. Dat maakt gerichte hervormingen niet overbodig, maar het ontkracht wel het beeld dat onze zorg per definitie onbetaalbaar is.
Solidaris vraagt daarom van de federale regering 3 duidelijke keuzes: bescherm de toegang tot zorg en het statuut van verhoogde tegemoetkoming, breng de toekomstige maatschappelijke en budgettaire kosten van elke besparing vooraf in rekening en verdeel de begrotingsinspanning eerlijker via rechtvaardige inkomstenmaatregelen.
Investeren in gezondheid, is investeren in welvaart waaraan iedereen kan deelnemen. Wie vandaag blind bespaart op zorg, zal morgen meer betalen; economisch, sociaal en menselijk. Dus wat wordt het: Vaar wel of Vaarwel welvaartstaat?
Lees volledige persbericht als PDF
Perscontact
Katrien De Weirdt | Woordvoerster Solidaris
Roeland Byl | Stafmedewerker pers
T 02 515 05 12 | G 0470 27 58 79 | E pers@solidaris.be