Persberichten

24-03-2022

Persberichten
Socialistische Mutualiteiten, Bond Moyson en De Voorzorg worden op 1 juli Solidaris

Op 1 juli 2022 veranderen Bond Moyson Oost- en West-Vlaanderen, De VoorZorg Antwerpen, De Voorzorg Limburg en het Nationaal Verbond van Socialistische Mutualiteiten van naam. Ze worden samen SOLIDARIS. SOLIDARIS staat voor solidariteit. En solidariteit is onze kernwaarde. Al meer dan 100 jaar staan we als ziekenfonds voor een betaalbare, kwaliteitsvolle en toegankelijke gezondheidszorg. Al meer dan 100 jaar is solidariteit het kloppend hart van onze organisatie. Daarom kiezen we voor een nieuwe en logische naam: SOLIDARIS. Solidariteit is vandaag belangrijker dan ooit. Als ziekenfonds willen we er zijn voor iedereen. Iedereen die ziek is, maar ook gezond. Het is dankzij die sterke schouders dat we er kunnen staan voor de meest kwetsbaren. Want kwaliteitsvolle, toegankelijke en betaalbare gezondheidszorg, daar heeft iedereen recht op. Onze socialistische ziekenfondsen in Vlaanderen zullen vanaf 1 juli 2022 dezelfde naam dragen. SOLIDARIS blijft garant staan voor een erg toegankelijke dienstverlening, op maat van iedereen: innovatief en online, maar evenzeer persoonlijk van mens tot mens. Iedereen moet meekunnen. Bij alles wat we doen, de diensten en producten die we aanbieden en de initiatieven die we nemen, zijn onze leden het vertrekpunt. We luisteren naar hen en zorgen dat we hen persoonlijk kunnen helpen. Download het persbericht (.pdf) Perscontact Katrien De Weirdt | Woordvoerder Socialistische Mutualiteiten0470 27 58 79

23-03-2022

Persberichten
75-plussers nemen in laatste levensfase veel en vaak ongepaste geneesmiddelen

Aan het einde van ons leven nemen we veel medicatie, en soms medicatie die niet meer zinvol is. Dat blijkt uit onderzoek van de Socialistische Mutualiteiten. Gemiddeld neemt een 75-plusser tijdens de laatste levensmaand 15 verschillende geneesmiddelen. Bij palliatieve patiënten krijgt 1 op 3 ongepaste medicijnen, zoals cholesterolverlagers die enkel zinvol zijn op de lange duur. Het ziekenfonds vraagt dat er meer evidence-based wordt voorgeschreven. Te veel medicatie tijdens laatste levensmaanden De Socialistische Mutualiteiten analyseerden het geneesmiddelengebruik van hun leden van 75 jaar en ouder. Ze stelden vast dat er op oudere leeftijd opvallend veel medicatie wordt genomen en dat het medicatiegebruik nog toeneemt. Een kwart van alle geneesmiddelen wordt afgeleverd aan 75-plussers, die slechts 8 % van de ledenpopulatie van het ziekenfonds uitmaken. Tussen 2011 en 2019 steeg het medicatiegebruik bij deze groep met 4 %. Het medicatiegebruik piekt bij de 80- tot 84-jarigen. Tijdens het laatste levensjaar van een 75-plusser verdubbelt het aantal medicijnen. Bedraagt het in de 12de maand voor het overlijden nog 7 verschillende medicijnen, dan is dat in de laatste maand 15 verschillende geneesmiddelen. Volgens het ziekenfonds is dit nog een onderschatting, want gegevens van de meeste niet-vergoede geneesmiddelen zoals kalmeer- en slaapmiddelen en bepaalde pijnstillers ontbreken. 1 op 3 palliatieve patiënten krijgt medicatie zonder meerwaarde Het ziekenfonds onderzocht ook het gebruik van ‘potentieel ongepaste medicatie’ bij palliatieve 75-plussers. Een geneesmiddel wordt in de wetenschappelijke literatuur als ongepast beschouwd als de risico’s van gebruik groter zijn dan de te verwachten klinische voordelen. Een bekend voorbeeld zijn cholesterolverlagers voor patiënten met een lage levensverwachting. Cholesterolverlagers zoals statines helpen om hart- en vaatziekten te voorkomen. Ze werken preventief op de lange termijn. Voor patiënten met een zeer lage levensverwachting weegt het voordeel niet meer op tegen eventuele bijwerkingen of risico’s. De helft van de 75-plussers krijgt in de laatste 3 levensmaanden minstens 1 potentieel ongepast geneesmiddel voorgeschreven. Ook onder palliatieve patiënten, van wie de levensverwachting beter ingeschat kan worden, krijgt 1 op 3 potentieel ongepaste medicatie. Het betreft niet alleen een verlenging van bestaande voorschriften. Men start ook met ongepast geneesmiddelengebruik in deze periode. “Ongepaste geneesmiddelen hebben geen meerwaarde voor de patiënt”, zegt dr. Bart Demyttenaere, directeur Medisch Beleid van de Socialistische Mutualiteiten. “De eventuele voordelen wegen niet meer op tegen de kans op bijwerkingen. Met ongepaste medicatie neemt het risico voor de patiënt toe én wordt de kost voor onze sociale zekerheid nodeloos opgedreven. In de laatste levensfase zou de nadruk vooral op het comfort en de levenskwaliteit moeten liggen, bijvoorbeeld pijnstilling.” “We stellen gelukkig wél vast dat 84 % van de patiënten en 91 % van de palliatieve patiënten tijdens de laatste 3 levensmaanden ook gepaste medicatie voorgeschreven krijgen”, voegt dr. Demyttenaere eraan toe. Woonzorgcentra doen het beter Uit het onderzoek blijkt verder dat woonzorgcentra het beter doen op het vlak van ongepast geneesmiddelengebruik. Dat kan deels verklaard worden door de specifieke aandacht die woonzorgcentra hebben voor polymedicatie (meerdere medicaties gedurende een langere tijd) en hyperpolymedicatie (10 of meer verschillende geneesmiddelen). Polymedicatie verhoogt de kans op bijwerkingen, ongewenste wisselwerkingen tussen geneesmiddelen, en zelfs medicatie-gerelateerde letsels of aandoeningen. Door een verminderde werking van lever en nieren op oudere leeftijd neemt de kans op overdosering bovendien toe. Aanbevelingen Het socialistisch ziekenfonds vraagt zinvol en evidence-based voorschrijfgedrag. Daarvoor wil de mutualiteit artsen en patiënten sensibiliseren, “maar ook responsabilisering moet mogelijk zijn”. Maar het ziekenfonds vindt ook dat er meer geluisterd moet worden naar wat patiënten willen en wat ze willen bereiken met hun zorg. Het ziekenfonds roept daarom onder andere op om tijdig te starten met vroegtijdige zorgplanning. Dat is nadenken en beslissen over je toekomstige zorg en behandeling, vóór het nodig is. “Medicatiegebruik moet hier een essentieel en expliciet onderdeel van zijn”, benadrukt dr. Demyttenaere. “Ook in de laatste levensfase, of als de patiënt zelf niet meer kan beslissen, moeten we erover waken dat hij of zij geen overbodige of nodeloos risicovolle geneesmiddelen krijgt.” Aan de artsen zegt het ziekenfonds: ga het gesprek tijdig aan met je patiënt en hou rekening met de wensen en de levenskwaliteit van de patiënt. Andere initiatieven moeten nog versterkt worden. Zo is er het medico-farmaceutisch overleg tussen arts en apotheker, dat goed werkt maar nog te weinig benut wordt. Ook de rol van de apotheker moet versterkt worden. Patiënten kunnen hun apotheker al aanduiden als huisapotheker en de apotheker kan hen helpen met hun medicatieschema. Het Verzekeringscomité van het RIZIV voorzag nu ook voor begeleidingsgesprekken met ambulante patiënten die veel medicatie nemen. Download het persbericht (.pdf) Lees het volledige onderzoeksrapport (.pdf) Perscontact Katrien De Weirdt | Woordvoerder Socialistische Mutualiteiten0470 27 58 79

04-02-2022

Persberichten
Test Aankoop en Socialistische Mutualiteiten willen verbod op labo-supplementen

Labomedewerkers die niet geconventioneerd zijn en dus supplementen mogen aanrekenen, doen gemiddeld 4 tot 5 keer meer analyses dan hun geconventioneerde collega’s. Dat blijkt uit een onderzoek van Test Aankoop en de Socialistische Mutualiteiten bij 12 private laboratoria. Een vaststelling die doet vermoeden dat labo’s analyses laten uitvoeren door geconventioneerde medewerkers maar deze in naam van niet-geconventioneerde collega’s factureren met de bedoeling supplementen te kunnen aanrekenen. Een praktijk die de Belgische patiënt jaarlijks zo’n 8 miljoen euro kost. Test Aankoop en de Socialistische Mutualiteiten vragen dan ook aan de Minister van Volksgezondheid om supplementen op labo analyses te verbieden. Supplementen nog steeds schering en inslag Wanneer een (huis)arts een staal wil laten analyseren, heeft de patiënt geen keuze over het laboratorium, laat staan over de persoon die het zal analyseren. Daar komt hij meestal pas achter wanneer hij de factuur ontvangt. Niet iedereen mag immers zomaar supplementen aanrekenen. Dat recht is voorbehouden voor niet-geconventioneerde labomedewerkers, kortom zij die zich niet kunnen vinden in de tarieven overeengekomen met de ziekenfondsen en bijgevolg hun eigen tarieven bepalen. Het is dus mogelijk dat de ene patiënt voor dezelfde analyse een supplement betaalt en de andere niet, zelfs in hetzelfde labo. In een Koninklijk Besluit dat in 2017 in voege ging om patiënten tegen misbruik te beschermen, staat echter duidelijk dat supplementen alleen mogen worden aangerekend als de patiënt daarvan vooraf op de hoogte is gebracht en ermee heeft ingestemd. Het zou dan ook logisch zijn geweest als die supplementen intussen volledig waren verdwenen. Niemand wil immers bewust meer betalen voor eenzelfde analyse. Toch zijn deze supplementen nog steeds gemeengoed: voor het prestatiejaar 2019 liepen alleen al bij de Socialistische Mutualiteiten de supplementen op tot niet minder dan 2,5 miljoen. Volgens een ruwe schatting komt dit neer op een bedrag tussen 7,9 en 8,6 miljoen euro voor de hele bevolking. Kleine bedragen Hoe kan dit probleem "onder de radar" blijven? Een mogelijke verklaring ligt in het feit dat het om relatief kleine bedragen gaat die bij de patiënt geen argwaan wekken: meestal tussen 1 en 6 euro bovenop het remgeld, volgens de analyse van de Socialistische Mutualiteiten. Maar zelfs dergelijke bescheiden bedragen zijn uiteraard een bron van aanzienlijke winst voor de laboratoria, gezien het grote aantal analyses die worden uitgevoerd. "Als een patiënt op zijn rekening supplementen ziet staan waarvan hij niet op de hoogte was, raden wij hem aan zeker contact op te nemen met het laboratorium dat de analyse in kwestie heeft uitgevoerd. Hierbij moet hij aangeven dat hij niet had ingestemd met deze supplementen, en ze dus bijgevolg onwettelijk zijn”, adviseert Simon November, woordvoerder van Test Aankoop. 12 laboratoria onderzocht Het gros van de supplementen werd bij de leden van de Socialistische Mutualiteiten gefactureerd door 12 private laboratoria, zo blijkt uit hun analyse die ze uitvoerden op vraag van Test-Aankoop. "Het is opvallend dat in prestatiejaar 2019 de niet-geconventioneerde medewerkers in deze laboratoria 4 tot 5 keer meer prestaties leverden dan hun geconventioneerde collega's. Er kunnen verschillen bestaan, maar deze wanverhouding roept toch wel heel wat vragen op," aldus Paul Callewaert van de Socialistische Mutualiteiten. Op COVID-analyses mogen geen supplementen worden aangerekend en voor deze prestaties stellen de Socialistische Mutualiteiten net het omgekeerde vast. Voor dit soort analyses leverden de geconventioneerde medewerkers in 2020 ongeveer dubbel zoveel prestaties dan hun niet geconventioneerde collega's. Dat gegeven lijkt opnieuw het vermoeden te bevestigen dat niet-geconventioneerde medewerkers analyses factureren van hun geconventioneerde collega’s wanneer supplementen aangerekend mogen worden. Laten we de supplementen afschaffen! Test Aankoop en de Socialistische Mutualiteiten roepen de minister van Volksgezondheid, Frank Vandenbroucke, op om deze ongerechtvaardigde supplementen gewoon af te schaffen. Het gaat immers om zorgverleners die de patiënt niet zelf kiest en met wie hij geen contact heeft. Bovendien zijn deze laboratoria verre van ondergefinancierd. Ze krijgen al mooie vergoedingen betaald door de ziekteverzekering en vormen een winstgevende business met winstmarges van 20% tot 30%. Hoewel supplementen verboden zijn voor COVID-analyses, heeft de pandemie toch tot een mooie stijging van de omzet van de laboratoria geleid: ongeveer +20% tussen 2019 en 2020. Download het persbericht (.pdf) Perscontacten Simon November | Woordvoerder Test Aankoop0499 51 21 40 Katrien De Weirdt | Woordvoerder Socialistische Mutualiteiten0470 27 58 79

03-02-2022

Persberichten
Minder chronische aandoeningen opgemerkt door coronacrisis

Intermutualistisch persbericht Tijdens de eerste lockdown, die inging op woensdag 18 maart 2020, viel de niet-dringende, routinematige zorg in België bijna volledig stil. Dat heeft ook een impact gehad op het geneesmiddelengebruik. Uit onderzoek van het Intermutualistisch Agentschap (IMA) blijkt dat voor een aantal aandoeningen, zoals hoge bloeddruk of diabetes, in 2020 minder nieuwe patiënten met medicatie gestart zijn dan het jaar voordien. Dit betekent dat deze aandoeningen, die normaal tijdens routineonderzoeken aan het licht komen, bij een deel van de patiënten niet werden vastgesteld en er geen behandeling met geneesmiddelen werd opgestart. In haar studie koos het IMA er voor om het gebruik van vier goed afgebakende geneesmiddelengroepen te onderzoeken. Het ging om medicatie ter behandeling van hoge bloeddruk, diabetes, luchtwegaandoeningen en ADHD. De onderzoekers gingen na in hoeverre de coronacrisis ertoe heeft geleid dat patiënten stopten met hun medicatie, in welke mate er nieuwe patiënten startten en of er een effect was op de therapietrouw. Het belangrijkste resultaat is dat, in vergelijking met 2019, het aantal starters bij alle onderzochte geneesmiddelengroepen lager lag. Bij de afkondiging van de lockdown midden maart deed er zich een sterke daling voor. Na de versoepelingen in mei 2020 steeg het aantal starters terug naar het niveau van het voorgaande jaar, maar er was geen inhaalbeweging. Een aantal chronische aandoeningen werd dus niet gedetecteerd.Een positieve vaststelling is dat de therapietrouw in 2020 wel ongeveer hetzelfde bleef als in 2019. De meeste reguliere gebruikers zijn hun medicatie als voorheen blijven afhalen. Resultaten per geneesmiddelengroep Hoge bloeddruk geeft aanvankelijk weinig klachten en wordt doorgaans pas ontdekt tijdens routinecontroles bij de huisarts. Het aantal personen dat met medicatie tegen hoge bloeddruk startte, daalde met 6 procent van 300 384 in 2019 naar 282 448 in 2020. De daling heeft zich ingezet bij het ingaan van de lockdown. Toen de maatregelen versoepeld werden, steeg het aantal starters terug tot hetzelfde niveau als in 2019, maar er deed zich geen inhaalbeweging voor. Diabetes is net als hoge bloeddruk een veelvoorkomende chronische aandoening die in de beginfase weinig klachten geeft. De diagnose gebeurt vaak toevallig via een bloedonderzoek voor een ander probleem. Ook bij diabetesmedicatie is er een duidelijk effect van de coronamaatregelen: het aantal starters daalde van 96 935 in 2019 naar 89 791 in 2020, ofwel met 7,4 procent. Er deed zich een dip voor tijdens de eerste lockdown, die ook niet naderhand werd ingehaald. Luchtwegaandoeningen verschillen van diabetes en hoge bloeddruk omdat ze zowel chronisch als acuut kunnen zijn. De coronamaatregelen hadden daarom op meerdere vlakken een effect. Niet alleen viel de niet-dringende zorg stil, maar de beperking van de contacten zorgden voor een verminderde circulatie van alle respiratoire virussen, waardoor het aantal starters van geneesmiddelen ter behandeling ervan daalde met 22,5 procent. Medicatie voor ADHD onderdrukt enkel de symptomen van de aandoening en in situaties waarin rustiger gedrag of een goede concentratie minder van belang zijn, wordt deze vaak niet ingezet. De daling begon in de week van de sluiting van de scholen en hield aan tot het begin van het nieuwe schooljaar.Dit onderzoek sluit aan bij andere lopende wetenschappelijke studies over het onderwerp. Hoewel de resultaten duidelijk in een bepaalde richting gaan, zijn de onderliggende oorzaken niet steeds duidelijk. Diepgaander onderzoek is dus nodig om hypotheses over oorzaken en gevolgen te valideren. Download het persbericht (.pdf) Lees het volledige onderzoeksrapport (.pdf) Intermutualistisch perscontact Dieter Herregodts0475 86 36 71

26-10-2021

Persberichten
Open brief: De zorg is zeer bezorgd

Geachte minister-president Jambon,Geachte minister Beke,Geachte leden van het Overlegcomité, De laatste week kennen we opnieuw een sterke toename van het aantal besmettingen met het coronavirus. Een voorspelde vierde golf, maar toch brengt die terug vertwijfeling in de maatschappij en bij de zorgsector. Zal deze golf opnieuw tot een overbelasting van het zorgsysteem leiden of zullen de corona-infecties, als gevolg van de zeer geslaagde vaccinatiecampagne in Vlaanderen een beheersbaar medisch probleem blijven? De eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat we dat niet met zekerheid weten. Gedurende deze hele pandemie heeft de maatschappij en de politiek kennisgemaakt met iets waar wij in de zorg dagelijks mee geconfronteerd worden: onzekerheid. De medische wetenschap kende al enorme evoluties, wat ons veel meer mogelijkheden geeft om allerlei ziektes te behandelen en goede zorg te voorzien. Maar in al die kennis, in al die kunde, blijft onzekerheid een belangrijk element van de gezondheidszorg. Vanuit onze ervaring in die zorg kunnen we echter wel een analyse maken van de huidige situatie en een aantal aanbevelingen doen, zonder de zekerheid te hebben dat ze ook zullen uitkomen. De feiten: De vierde golf was al lang verwacht en zal zich in de volgende weken ook verderzetten. Hoe snel de stijging zal doorzetten en hoeveel patiënten besmet en uiteindelijk in het hospitaal zullen geraken, daarover kunnen we alleen trendanalyses doen uitgaande van de huidige situatie. Maar de huidige inschattingen waarschuwen opnieuw voor forse druk op onze gehele zorgsysteem door een combinatie van COVID, andere infecties en het op peil houden van alle andere zorg.De vaccins werken. Ze beschermen tegen ernstige ziekte (wat niet hetzelfde is als: ze beschermen tegen infectie met het coronavirus). We zijn heel blij dat zoveel mensen zich hebben laten vaccineren en we kunnen diegenen, die zich nog niet hebben laten vaccineren, alleen maar aanmoedigen om dat zo snel mogelijk te doen. Met een vaccinatie bescherm je niet alleen jezelf, maar ook de maatschappij. Niettemin het vaccin is geen wondermiddel. Ook gevaccineerden zullen soms ernstig ziek worden en alsnog in het ziekenhuis belanden. Er zullen zelfs gevaccineerden overlijden. Net daarom blijft het belangrijk voor iedereen om voorzichtig te blijven zolang deze pandemie nog sterk aanwezig is. Heel veel mensen geraken terug besmet en relatief meer mensen komen in het ziekenhuis en op intensieve zorgeenheden terecht. Vaccins zijn als een hele goede paraplu: ze werken prima bij de gemiddelde regenbui, maar als het stormt, kan je toch nog natte voeten krijgen, en bij een orkaan zoek je beter elders dekking. Het is dus ontzettend belangrijk om het aantal besmettingen onder controle te houden.COVID-19 is niet ons enige probleem. Na anderhalf jaar pandemie leek het soms of het coronavirus het enige nu circulerende virus is. Sinds september weten we dat er ook terug andere virussen (verkoudheidsvirussen, RSV, …) circuleren en in de volgende weken zal ook het influenzavirus (griepvirus) aan zijn jaarlijkse opmars beginnen. Vele mensen zullen besmet geraken met die virussen, zoals we vandaag de dag al zien in de huisartsenpraktijken. Maar ook van deze virussen worden kwetsbare mensen soms ernstig ziek met opnames in het ziekenhuis of de intensieve zorgeenheden tot gevolg. Als deze golven samenkomen, wordt de druk sowieso groot en geraakt de grens van wat haalbaar blijft binnen de zorg veel sneller overschreden.Het zorgsysteem heeft echt wel zijn maximale capaciteit en deze werd het afgelopen anderhalf jaar reeds meermaals overschreden. In de ziekenhuizen en de intensieve zorgeenheden is dat fysiek heel tastbaar in het aantal bedden en het aantal personeelsleden. Maar ook de eerste lijn heeft haar maximale capaciteit. Het grootste deel van de patiënten (COVID en niet-COVID) wordt immers in de eerste lijn behandeld en verzorgd. Het zorgsysteem is ook aangepast om jaarlijks opstoten van infectieuze ziekten op te vangen, maar als deze opstoot enkele maanden duurt, in plaats van enkele weken, zal ook in eerste lijn de andere zorg (chronische zorg, psychosociale zorg, …) uitgesteld moeten worden met alle gevolgen van dien. Een toenemend aantal COVID-gevallen in de maatschappij leidt onvermijdelijk ook tot meer ziekte-uitval bij het zorgpersoneel. Vandaag staat die eerste lijn al onder enorme druk. Ook verschillende woonzorgcentra, instellingen voor gehandicaptenzorg en ziekenhuizen zijn nu al gesatureerd en kampen met personeelsuitval. Het systeem staat nu dus al sterk onder druk en de winter moet nog beginnen. Wij zijn dus bezorgd over wat ons de volgende weken te wachten staat. Het kan meevallen, maar er is ook een mix mogelijk die het hele systeem terug doet wankelen. Wij zijn des te meer bezorgd, omdat sinds september op politiek niveau beslist werd om alle coronamaatregelen af te bouwen. Geen mondmaskers meer, geen Covid Safe Ticket, geen thuiswerk, …. Daarnaast werden ook de structuren, die ons het voorbije anderhalf jaar hebben geholpen, afgebouwd: verminderd aantal testcentra, afbouw capaciteit contact tracing, … . Al onze verdedigingslinies, broodnodig om de viruscirculatie onder controle te houden, werden één voor één onderuitgehaald. In de hoofden en geesten leek de pandemie volledig voorbij. Ook het zorgpersoneel verlangt naar ‘het rijk der vrijheid’, ook wij zouden niet liever hebben dan dat het virus endemisch geworden is. Maar wij zijn niet blind voor wat komen kan en voor wat we rond ons al zien gebeuren. Op dit ogenblik gaan de huisartsen en de ganse eerste lijn ten onder aan het extreme werkvolume. Door het uitblijven van een beschermende derde prik vallen meer een meer zorgverleners uit ten gevolge van COVID-19. Je kan gokken en hopen dat het allemaal meevalt of je kan voldoende voorzichtigheid inbouwen. En dat is wat wij als zorgverleners vragen! Bouw voorzichtigheid in, zodat we nooit meer op een ochtend wakker worden met een zorgsysteem (of het nu eerste, tweede of derde lijn is) dat op wankelen staat en dat de noodzakelijke zorg moet uitstellen. Wij willen geen lockdowns of paniekreacties, maar wel het duurzaam herwaarderen van een aantal basiselementen: het gebruik van een mondmasker binnen, het voldoende ruim beschikbaar houden van testen en contact tracing, het nauwgezet opvolgen van goede ventilatie in openbare binnenruimtes, het ruim inzetten van het Covid Safe Ticket bij risicovolle activiteiten, opnieuw meer thuiswerk, … . Het zijn eenvoudige maatregelen, waarmee we elkaar, de maatschappij en de zorg helpen, en doorheen een winter helpen die zich als lastig aankondigt. Laat ons de systemen die we hebben uitgebouwd om de pandemie te beheersen nu behouden, waarbij we ze aanpassen aan de snel evoluerende realiteit. En waarbij we testcentra, contact tracing, aangepaste teststrategie, thuiszorg, triage, de samenwerking eerste lijn-tweede lijn maximaal kunnen gebruiken. Ondertekenaars: AXXON, Kwaliteit in Kinesitherapie (Axxon, KiK) – Dirk VerleyenBelgische Vereniging der Podologen (BVP) – Mieke FransenBeroepsorganisatie voor verpleegkundigen (NVKVV) – Ellen DewandelerBeSeDim – Pascal VanelderenDomus Medica – Roel Van GielErgotherapie Vlaanderen (EV) – Pierre SeeuwsNationaal Verbond van Katholieke Verpleegkundigen en Vroedvrouwen (NVKVV) – Henk Cuvelier,Ellen DenayerUZA, GEMS – Erika VliegheVerbond der Vlaamse Tandartsen (VVT) – Stefaan HansonVlaams Apothekersnetwerk (VAN) – Hilde Deneyer, Dirk VosBelgische vereniging van Artsensyndicaten (BVAS) – Marc Moens, Jos Vanhoof, Dirk Scheveneels ,David SimonVlaamse Beroepsorganisatie van Vroedvrouwen (VBOV) – Marlene ReynsVlaamse Beroepsvereniging van Diëtisten (VBVD) – Rian van SchaikVlaamse Beroepsvereniging voor Zelfstandige Verpleegkundigen (VBZV) – Wim LaporteVlaamse Vereniging van Klinisch Psychologen (VVKP) – Koen LowetZorgnet Icuro – Margot CloetChristelijke Mutualiteit (CM) - Luc Van GorpSocialistische Mutualiteiten - Paul CallewaertLandsbond van de Onafhankelijke Ziekenfondsen - Xavier BrenezLiberale Mutualiteit - Bart DewaelNeutrale Ziekenfondsen - Philippe Mayné

08-10-2021

Persberichten
Open brief aan de Vlaamse volksvertegenwoordigers over het voorstel van decreet met betrekking tot de privatisering van de zorg

Geachte volksvertegenwoordiger Woensdag 6 oktober kan u een beslissing nemen waardoor het Vlaamse zorg- en ondersteuningslandschap er in de toekomst helemaal anders kan gaan uitzien. U beslist dan of u het decreet goedkeurt dat private partners, privaat kapitaal en beheer door winstgevende bedrijven in de publieke zorg mogelijk maakt. Wij, stakeholders in zorg en welzijn, en lid van de Vlaamse Raad voor Welzijn, Volksgezondheid en Gezin voelen ons geroepen om u te waarschuwen. Voor ons staan kwaliteit en toegankelijkheid van zorg en ondersteuning centraal. Sociaal ondernemerschap en de publiek georganiseerde zorg en ondersteuning moeten op een stabiele en duurzame manier ondersteund worden. Zoals we met de Vlaamse Raad WVG in ons advies hierover al schreven: “het voorliggende decreet maakt dit niet waar. Sterker nog: het holt deze fundamenten uit.” De indieners van dit decreet willen een meer gelijke fiscaliteit creëren zodat ook publieke welzijnsvoorzieningen kunnen genieten van enkele fiscale en parafiscale voordelen. Dat is lovenswaardig. Maar daar heeft u dit decreet helemaal niet voor nodig. Zoek samen met uw federale collega’s een oplossing binnen de fiscale regelgeving en dat probleem is van de baan. De indieners van dit decreet zeggen dat ze hiermee de Vlaamse zorg en ondersteuning performanter willen maken. Performantie is belangrijk, absoluut. Maar voor ons staan kwaliteitsvolle en toegankelijke zorg minstens op gelijke voet hiermee en daarover rept het decreet met geen woord. Bovendien zien we niet waar het decreet die performantie realiseert, integendeel. Ziet u dit wel, beste vertegenwoordiger van onze Vlaamse burgers, ook van diegenen die nood hebben aan zorg en ondersteuning? De indieners van dit decreet willen een gelijk speelveld. Daar is niets op tegen. Maar men vergeet de spelregels vast te leggen. Zo zijn we beducht voor het ontstaan van niet-marktconforme prijzen in de dienstverlening naar de gebruiker en de (mede-)initiatiefnemer. We missen ook de dwingende regels voor maximale financiële transparantie over het financiële reilen en zeilen, de kost voor infrastructuur (bouwkost/huurkost), de gebruikersbijdrage… Transparantie is ook noodzakelijk voor alle tussen- en nevenstructuren die initiatiefnemers opzetten. In dit decreet vinden we onvoldoende garanties voor de betaalbaarheid en de kwaliteit van de zorg en voor de herinvestering van de winst in de Vlaamse zorg. Wij kunnen het dan ook niet eens zijn met dit decreet en keurden het in een advies van de Vlaamse Raad WVG reeds met een grote meerderheid af.  Door het verweven van publieke instellingen met privaat kapitaal botsen twee tegengestelde belangen. Bedrijven zijn namelijk verantwoording verschuldigd aan de aandeelhouders. Om te overleven zijn zij verplicht concurrentieel te blijven en om niet gewoon winst te maken, maar steeds méér winst te maken. En daar knelt het decretale schoentje. Het is immers onvoldoende duidelijk wat er met die winst zal gebeuren Vlaanderen heeft vandaag een goed aangeschreven en sterk gewaardeerd zorg- en ondersteuningsaanbod. Dat willen we zo houden en waar mogelijk verbeteren. Een ambitie die u ongetwijfeld met ons deelt. We mogen niet blind zijn voor de potentieel negatieve gevolgen van de inbreng van privékapitaal. We moeten vermijden dat commerciële actoren in de zorg enkel investeren wegens het financieel rendement, ten koste van kwaliteit, betaalbaarheid, tewerkstelling en de arbeidsomstandigheden van het personeel. En die garantie biedt dit decreet niet. De werknemers die zouden overgaan naar een privé vennootschap dreigen de dupe van het verhaal te worden. Zo garandeert het decreet het behoud van de loon- en arbeidsvoorwaarden slechts voor één jaar. Dat staat haaks op de regelgeving die garanties geeft voor onbepaalde duur (CAO 32 bis, gesloten in de NAR). De zorg – en welzijnssector heeft de komende 15 jaar een grote nood aan instroom van nieuw personeel om de werkdruk en de vergrijzing te compenseren. De negatieve impact van dit decreet op de werknemers dreigt dit nog moeilijker te maken en de inspanningen van de laatste sociale akkoorden (VIA 6) te ondermijnen. Voor ons mag het publieke en private geld voor zorg en ondersteuning alleen dienen voor het aanbieden van kwaliteitsvolle en toegankelijke zorg en ondersteuning. Winst moet geherinvesteerd worden in het primaire, maatschappelijke doel van de initiatiefnemers. Het sociaal ondernemerschap staat hiervoor borg, maar het is zoeken met een vergrootglas naar het concept sociale onderneming in dit decreet. Zorg en ondersteuning zijn activiteiten van strategisch belang. We moeten vermijden dat grote (buitenlandse) groepen onze Vlaamse zorg en ondersteuning (kunnen) overnemen. Dit decreet biedt onvoldoende waarborgen voor het behoud en de verbetering van de kwaliteit en de toegankelijkheid van zorg en ondersteuning. Het geeft private investeerders wel degelijk veel meer macht over de zorg in Vlaanderen en grijpt in op de fundamenten van het Vlaamse zorg- en welzijnssysteem. Daarom gaf de Vlaamse Raad WVG een negatief advies over dit decreet (www.vlaamseraadwvg.be). Dus, geachte volksvertegenwoordigers: in het belang van ons allemaal, keur dit decreet niet goed. Er zijn trouwens héél veel mensen die ons standpunt delen, zie https://www.petities.com/openbriefprivatisering Met hoogachting, Stefaan Berteloot (Zorggezind)Paul Callewaert (Socialistische Mutualiteiten)Margot Cloet (Zorgnet-Icuro)Hendrik Delaruelle (Vlaams Welzijnsverbond)Ann Demeulemeester (Familiehulp)Hilde Deneyer (VAN)Bart De Ruysscher (CM Vlaanderen)Stefaan Hanson (VTT)Ingrid Lieten (Verso)Maarten Peeters (Onafhankelijke Ziekenfondsen)Olivier Remy, Jan Mortier (ACV)Willem Rombaut (Boerenbond)Anton Smagghe (Federatie Vrije Beroepen)Nils Vandenweghe (Vlaamse Ouderenraad)Patrick Vander Weyden (Som)Johan Van Eeghem, Willy Vandenberghe (ABVV)Roel Van Giel (Domus Medica)Gert Van Hees, Christel Demerlier (ACLVB/VSOA)Karin Van Mossevelde (I-mens)Edward Van Rossen (Federatie Vrije Beroepen)Ilse Weeghmans (Vlaams Patiëntenplatform)Peter Wouters (Beweging.net)

14-09-2021

Persberichten
Ilse Weeghmans (Vlaams Patiëntenplatform) vanaf 1 januari 2022 aan het hoofd van De Voorzorg Limburg

De Socialistische Mutualiteiten verwelkomen Ilse Weeghmans aan het hoofd van hun ziekenfonds in Limburg. Ilse Weeghmans wordt op 1 januari 2022 provinciaal secretaris van De Voorzorg Limburg en neemt zo de fakkel over van het tijdelijke beheerscomité dat er sinds april 2021 was aangesteld.Ilse Weeghmans is momenteel directeur en woordvoerder van het Vlaams Patiëntenplatform vzw, de koepel van patiëntenverenigingen in Vlaanderen. Onder haar hoede groeide het Vlaams Patiëntenplatform de afgelopen jaren uit tot een professionele organisatie die door nauwe contacten met beleidsmakers en andere organisaties uit de gezondheidssector opkomt voor de belangen van patiënten.Paul Callewaert, algemeen secretaris Socialistische Mutualiteiten: “Ik ben heel blij dat Ilse Weeghmans de overstap maakt naar onze organisatie. Ilse is een sterk leidersfiguur en bruggenbouwer met het hart op de juiste plaats. Ze is positief, open en ondernemend, en houdt ervan om mensen samen te brengen en te verbinden. Ze kan rekenen op een rijke ervaring in een leidende rol in de gezondheidssector, en haar inzicht wordt gewaardeerd door zowel patiënten en zorgprofessionals als de overheid en politiek. Ik ben er dan ook van overtuigd dat Ilse de nodige kwaliteiten en expertise in huis heeft om De Voorzorg Limburg te leiden.”“De Voorzorg Limburg was en is een zeer sterk groeiend ziekenfonds, dat leden en patiënten centraal stelt en dat bouwt en vertrouwt op sterke medewerkers en een accurate dienstverlening. Met de komst van Ilse zetten we die traditie en ambities voort.”Ilse Weeghmans: “Een toegankelijke, kwaliteitsvolle gezondheidszorg voor iedereen zou een basisrecht moeten zijn. Die droom van de Socialistische Mutualiteiten valt pal samen met waar ik als persoon voor sta en waar ik met De Voorzorg Limburg aan wil bouwen. Met mijn achtergrond van maatschappelijk werk en politieke wetenschappen kan ik bovendien 2 liefdes combineren: opkomen voor mensen in een kwetsbare positie én het beleid van dichtbij opvolgen en aanspreken. Ik begin dan ook met veel goesting aan een nieuw hoofdstuk in mijn professionele loopbaan. En als trotse Truienaar ben ik bovendien heel blij dat ik die missie kan waarmaken in ‘mijn’ provincie, Limburg.”Download het persbericht (.pdf)