Persberichten

25-04-2026

Persberichten
Verbeter het beleid en stop met ziekenfondsen te viseren

N-VA viseert ziekenfondsen bij komende besparingsoefening met valse argumentenIn diverse media neemt Valerie Van Peel (N-VA) vandaag de ziekenfondsen op de korrel. De partijvoorzitster vindt dat de ziekenfondsen het recht op verhoogde tegemoetkoming veel te gemakkelijk toekennen. Dat beeld strookt niet met de werkelijkheid.De bron van die vaststelling? Artsen fluisteren haar in dat ze wel eens bij mensen op huisbezoek gaan die dat sociale statuut genieten en dus minder moet betalen voor een doktersvisite, maar wel een Porsche voor de deur hebben staan. Van Peel geeft als voorbeeld een gepensioneerde zelfstandige in een villawijk, die automatisch VT kreeg toegekend zonder daar zelf om te vragen.Gepensioneerden krijgen niet automatisch VTVoor wie het niet zou weten: de automatische toekenning van verhoogde tegemoetkoming voor gepensioneerden bestaat niet. Wie beweert dat gepensioneerden zomaar, collectief en zonder controle toegang krijgen tot de verhoogde tegemoetkoming, verspreidt onjuiste informatie.Het recht op verhoogde tegemoetkoming krijg je alleen na een inkomstenonderzoek. Daarbij moet je ook een verklaring op eer over alle inkomsten indienen.Als dat onderzoek al door een andere instelling is gebeurd, gebeurt de toekenning wel automatisch. In het kader van administratieve vereenvoudiging wordt dat onderzoek immers niet onnodig overgedaan voor elk sociaal voordeel. Sinds enkele jaren is het daarom mogelijk dat ziekenfondsen iemand die pakweg bij het OCMW al een inkomstenonderzoek heeft doorgelopen, automatisch het recht op verhoogde tegemoetkoming (VT) toekennen omdat er al een inkomstenonderzoek is gebeurd.Zegt Paul Callewaert, algemeen secretaris: “Juist voor wie financieel kwetsbaar is, betekent een betaalbare en toegankelijke gezondheidszorg een wereld van verschil. Daarom investeren we in het verkleinen van de administratieve drempels voor sociale voordelen, door ze automatisch toe te kennen waar dat kan. Dat is helemaal iets anders dan de controles versoepelen. Die blijven even streng. Verbeteringen aan een systeem zijn altijd mogelijk. Als Valerie Van Peel pleit voor vermogensregister, zullen we dat zeker steunen. Dan kan elke verklaring op eer gecontroleerd of zelfs afgeschaft worden.”Ziekenfondsen voeren gewoon de wet uitEen recht op VT wordt enkel toegekend aan personen met een ernstige en erkende handicap of aan mensen met bewezen lage inkomens. Wie niet aan een van die voorwaarden voldoet, krijgt geen recht, laat staan dat het automatische wordt toegekend. Het recht wordt trouwens periodiek opnieuw gecontroleerd en in sommige gevallen weer ingetrokken.Ziekenfondsen strooien niet met cadeautjes om hun leden tevreden te houden, maar passen de wet toe. We controleren de toekenningscriteria voor verhoogde tegemoetkoming zoals ze wettelijk bepaald zijn. Die criteria zijn gekoppeld aan objectieve gegevens zoals inkomen, een handicap of sociale situatie.Aan de hand van de fiscale gegevens die we kunnen consulteren, controleren we of iemand aan alle voorwaarden voldoet. We hebben niet de bevoegdheid om criteria uit te breiden en vandaag ook niet de mogelijkheid om controles te verstrengen. Als het aantal personen met VT stijgt, is dat dus niet omdat ziekenfondsen onvoldoende controleren.Lees het persbericht als PDFBekijk ook de fact checkPerscontactKatrien De Weirdt | Woordvoerster SolidarisRoeland Byl | Stafmedewerker persT 02 515 05 12 | G 0470 27 58 79 | E pers@solidaris.be

16-04-2026

Persberichten
Al voor 8,8 miljoen euro medische schadevergoedingen gerecupereerd

Solidaris recupereerde sinds begin 2025 voor zijn leden al een totaal van 8,8 miljoen euro aanmedische schadevergoedingen. Ruim 5,6 miljoen daarvan verkregen onze leden via het Fonds voor de Medische Ongevallen (FMO). Toch is het bekomen van een schadevergoeding bij een medisch ongeval niet vanzelfsprekend. “We willen onze leden hierin ondersteunen”, zegt Paul Callewaert, algemeen secretaris Solidaris. “Medische ongevallen zijn altijd mogelijk, maar slachtoffers mogen niet in de kou blijven staan.”Begin 2025 telden we bij Solidaris 175 openstaande juridische dossiers over vermeende medischefouten en ongevallen. Vorig jaar kwamen er daar nog eens 57 bij. Voor deze in totaal 232 dossiersrecupereerden we sinds begin vorig jaar voor onze leden 8,8 miljoen euro aan schadevergoedingen.Diverse procedures bij medische ongevallenBij een medische fout of een medisch ongeval kan een patiënt een schadevergoeding bekomen. Datkan met een minnelijke schikking, via een vergoeding van het Fonds voor de Medische Ongevallen(FMO) of na een juridische procedure Medische Fout bij de rechtbanken. (*)Bij Solidaris zetten we nadrukkelijk in op het ondersteunen van onze leden bij de diverse proceduresdie na een medisch ongeval of een medische fout mogelijk zijn. Bij het opstarten van een dossier,vragen we eerst advies aan onze adviserend artsen. Als zij groen licht geven, bekijken wij welkeverdere juridische stappen mogelijk en opportuun zijn. Onze specialisten gaan na of er sprake is vanaansprakelijkheid, dan wel dat het toch gaat om complicaties bij een ingreep.68 van de 232 dossiers konden we intussen afronden met een positief resultaat voor de patiënt. In 23dossiers gebeurde dat via een minnelijke schikking.Er staan nog 35 dossiers open bij het FMO, in 26 dossiers achten we een minnelijke regeling mogelijken in 103 gevallen wachten we op een uitspraak van de rechtbank over de medische fout.Van de 57 nieuwe dossiers die er vorig jaar bijkwamen dienden we in 7 gevallen een aanvraag bij hetFonds voor de Medische Ongevallen (FMO) in. Voor 24 dossiers was er aan de gestelde voorwaardenvoor een kwalificatie medische fout of medisch ongeval niet voldaan.Grote verschillen tussen medische disciplinesOp basis van de afgeronde en lopende dossiers zien we een aantal tendensen in de aard van deklachten. Het achterblijven van materiaal of kompressen na operaties is een klassieker. Daarnaast ontvangen we veel dossiers over complicaties bij ingrepen met knie- en heupprothesen en overproblemen bij rugchirurgie.Bepaalde medische disciplines zijn ook vaker betrokken bij medische fouten dan andere specialismen.In de top-3 staat orthopedie bovenaan, gevolgd door gynaecologie en anesthesie.Opvallend is het lage aantal dossiers bij psychiaters, pediaters en vooral huisartsen. Ook opmerkelijkvinden we dat universitaire ziekenhuizen relatief weinig voorkomen in de dossiers.Snellere afhandeling, maar hoge drempel blijftDe jongste jaren zien we wel dat het FMO een duidelijke inhaalbeweging heeft gemaakt: debeoordeling van dossiers verloopt aanzienlijk sneller dan voorheen. Toch blijft de drempel naar een vergoeding hoog. Enkel uiterst zware complicaties komen in aanmerking voor een vergoeding. En de criteria zijn streng: zo zien we zelden vergoedingen voor infecties door ziekenhuisbacteriën.Paul Callewaert: “We vragen nadrukkelijk aandacht voor een billijke, correcte en redelijke termijnbij de behandeling van dossiers. Zowel bij het FMO als bij de rechtbanken is dat nodig. Slachtofferservaren lange wachttijden en onduidelijke procedures als een zware emotionele belasting.”Communicatie blijkt cruciaalUit nationale en internationale studies blijkt dat gebrekkige communicatie tussen zorgverlener enpatiënt een van de belangrijkste oorzaken is van klachten en aansprakelijkheidsprocedures. In Belgiëzou betere communicatie van zorgverleners naar schatting 40% van de gerechtelijke procedures kunnenvermijden.Zowel voor als na een medische ingreep is informatie belangrijk. Als bij een ingreep 1 op de 10patiënten bijvoorbeeld een bepaald complicatierisico loopt, moet een zorgverlener dat concreet enbegrijpelijk uitleggen. Patiënten hebben recht op informatie over risico’s, mogelijke alternatieven ende gevolgen wanneer een behandeling niet wordt uitgevoerd. Dat is zo bepaald in de Wet van 22augustus 2002 over de rechten van de patiënt. Het past ook in de principes van informed consent enshared decision‑making, waarbij patiënten actief betrokken worden bij de keuzes in hun behandeling.Heldere communicatie na een incident kan misverstanden en escalaties vermijden. Wij merken in onzedossiers dat veel patiënten vooral op zoek zijn naar erkenning en duidelijkheid.“We erkennen dat medische incidenten ook voor zorgverleners ingrijpend zijn”, zegt dokter BartDemyttenaere, directeur Beleid en Studies bij Solidaris. “Werken aan open communicatie en eenbetere ondersteuning is volgens ons essentieel om escalatie, defensieve geneeskunde en langdurigeprocedures te vermijden.” (*) Voorwaardenkader medische fout en medisch ongevalMedische fout:Er moet een fout bewezen wordenEr moet schade aangetoond wordenEr moet een uniek (= enig) oorzakelijk verband tussen schade en fout aangetoond worden. Debewijslast ligt volledig bij de patiënt.Medisch ongeval:Gevolg van een verstrekking van gezondheidszorgGeen aansprakelijkheidGeen gevolg van toestand van de patiëntAbnormale schade (uiterst zeldzame complicatie)Lees hier het persbericht als PDFPerscontactKatrien De Weirdt | Woordvoerster SolidarisRoeland Byl | Stafmedewerker persT 02 515 05 12 | G 0470 27 58 79 | E pers@solidaris.be

13-04-2026

Persberichten
Reactie Solidaris over persartikelen Keytruda ‘We hebben eerlijker prijzen voor geneesmiddelen nodig’

Vandaag publiceerden 48 media over de prijszetting van Keytruda. De artikelen kaderen in een internationaal onderzoek van meer dan 120 journalisten naar de prijspolitiek van fabrikant MSD voor dit geneesmiddel.We lezen dat de kostprijs per behandeling met Keytruda, zonder kortingen, ongeveer 100.000 euro bedraagt. Dat is te veel, zo blijkt.“Dit is een duidelijk voorbeeld van hoe we publiek geld, afkomstig uit sociale bijdragen, zien doorschuiven naar grote bedrijven”, zegt Paul Callewaert, secretaris-generaal Solidaris. “Ze misbruiken de solidariteit in onze ziekteverzekering om hun winst op te drijven.”Een prijs volgens pure winstlogicaEen studie stelt dat in het Verenigd Koninkrijk voor Keytruda 5 keer meer werd betaald dan wat een redelijke prijs zou zijn.In België schatten we, op basis van ons prijsmodel voor een eerlijker geneesmiddelenprijs en door Keytruda te vergelijken met een gelijkaardig geneesmiddel (Opdivo), dat de prijs die MSD vraagt wel tot 35 keer hoger ligt dan wat redelijk is.Een democratisch probleemHet totale gebrek aan transparantie bij prijsonderhandelingen maakt dat democratische instellingen, zoals het parlement, hun controlerende rol niet ten volle opnemen.De journalisten hadden een jaar nodig om toegang te krijgen tot gegevens die soms bewust werden afgeschermd. Dat toont hoe dringend we volledige duidelijkheid nodig hebben over de prijs van kankerbehandelingen die nu onder de geheimhouding vallen.We vragen dat er ook voor zeldzame en oncologische geneesmiddelen een duidelijk en transparant proces voor het vastleggen van geneesmiddelenprijzen komt.Pleidooi voor eerlijke prijzenWe pleiten bij Solidaris al sinds 2023 voor de invoering van een model voor eerlijker geneesmiddelenprijzen. Samen met de AIM (Association Internationale de la Mutualité) ontwikkelde Solidaris een model voor een ‘eerlijke prijs’.Dat model wil de belangen van alle betrokkenen verzoenen: die van patiënten, die toegang moeten hebben tot doeltreffende en betaalbare behandelingen; die van farmabedrijven, die een haalbare winst moeten kunnen maken om te blijven investeren; en die van de sociale zekerheid, die geen buitensporige uitgaven kan dragen in het voordeel van aandeelhouders.“We kunnen kiezen voor prijzen waar iedereen bij wint, maar dan moeten we de hele politiek opnieuw de sleutels geven om te begrijpen wat er gebeurt. Daarom pleiten we voor een duidelijk en transparant proces om geneesmiddelenprijzen te bepalen,” benadrukt Paul Callewaert.Lees het volledige persbericht als PDFPerscontactKatrien De Weirdt | Woordvoerster SolidarisRoeland Byl | Stafmedewerker persT 02 515 05 12 | G 0470 27 58 79 | E pers@solidaris.be

23-03-2026

Persberichten
Hogere conventioneringsgraad, dalende tariefbescherming

Ondanks hogere conventiegraad bij artsen en tandartsen groeit tariefonzekerheidTot 12 maart hadden zorgverstrekkers de kans om aan te geven of ze tot de tarievenakkoorden voor 2026-2027 wilden toetreden. 85,72% van de artsen en 60,48% van de tandartsen deed dat ook. Dat lijkt een goed resultaat, maar de cijfers verhullen een realiteit waarbij tariefonzekerheid voor de patiënt in bepaalde regio’s en bepaalde disciplines toeneemt in plaats van afneemt.Bij de tandartsen heeft 60,48% het nieuwe tarievenakkoord onderschreven. Dat is net boven de wettelijke drempel van 60% die nodig is om het tariefakkoord te laten ingaan. Dat is goed nieuws, maar die geruststellende cijfers verhullen een verontrustende evolutie: het conventionerings-percentage stijgt, maar intussen gaat de tariefbescherming voor patiënten er in realiteit op achteruit.Versoepeling van de gedeeltelijke conventioneringDe stijging van het globale conventioneringspercentage is vooral te danken aan het sterk toegenomen aantal gedeeltelijk geconventioneerde tandartsen. Die toename is een rechtstreeks gevolg van de versoepeling van de voorwaarden voor gedeeltelijke conventionering.Een gedeeltelijk geconventioneerde tandarts moet de afgesproken tarieven voortaan slechts 20 uur per week toepassen. In het vorige akkoord was dat nog 32 uur per week.Hierdoor vermindert het aantal betaalbare consultaties per gedeeltelijk geconventioneerde tandarts. In voltijdse equivalenten (VTE) uitgedrukt, daalt het conventioneringspercentage zelfs van 55,3% in het vorige akkoord naar 54,8% in het nieuwe tarievenakkoord.Tariefvrijheid knaagt aan tariefbescherming patiëntenTegelijk biedt het nieuwe tarievenakkoord geconventioneerde tandartsen de mogelijkheid om toeslagen aan te rekenen via de zogenaamde maximumtarieven. Sinds 1 januari 2026 mag een geconventioneerde algemeen tandarts voor veelvoorkomende behandelingen toeslagen tot 25% bovenop het RIZIV‑tarief aanrekenen.We schatten dat deze supplementen de kostprijs voor patiënten met een extra 45,3 miljoen euro kunnen doen oplopen. Concreet: iemand met het recht op verhoogde tegemoetkoming (VT) moet nu een supplement van 15 euro betalen voor een vulling die vroeger volledig was terugbetaald.Een patiënt die een geconventioneerde tandarts raadpleegt, geniet met andere woorden niet langer dezelfde tariefbescherming als voorheen. Te meer omdat het akkoord heeft nagelaten om de beschermende maatregel van de maximumfactuur op te nemen. Nochtans had de minister van Sociale Zaken in die mogelijkheid voorzien en gevraagd.Orthodontie: bestaande supplementen legitimerenIn de orthodontie is de nomenclatuur achterhaald en dringend aan herziening toe. Die hervorming komt er tegen 2028. Het huidige akkoord laat orthodontisten al toe om extra toeslagen (maximumtarieven) aan te rekenen die 20% hoger liggen dan wat de helft van de orthodontisten vandaag al toepast.Het percentage gedeeltelijk geconventioneerde orthodontisten stijgt dan wel van 21,95% naar 42,86%, maar ze kunnen tijdens hun geconventioneerde uren de tarieven met 20% optrekken, daarbuiten volledig vrij factureren én bovendien genieten van een sociaal statuut van 4592,21 euro dat door de ziekteverzekering wordt betaald.Het conventioneringsmechanisme verliest zo zijn essentie: het beschermt patiënten niet langer tegen supplementen en is geen garantie meer voor een betaalbare toegang tot zorg.Problematische arrondissementenVolgens de wet kan een akkoord pas in werking kan treden als in elk arrondissement minstens 50% van de tandartsen toetreden. Dit moet een voldoende betaalbare toegang tot zorg garanderen.Het nationale conventioneringscijfer maskeert grote verschillen tussen de arrondissementen. In 6 arrondissementen heeft minder dan 1 tandarts op de 2 het akkoord onderschreven: Antwerpen (41,38%), Mechelen (38,28%), Turnhout (44,89%), Roeselare (44,14%), Sint‑Niklaas (45,41%) en Neufchâteau (47,5%)Die situatie stelt de legitimiteit van het akkoord in deze arrondissementen in vraag en opent volgens de wet een mogelijkheid tot tussenkomst van de minister. Dat kan door de onderhandelingen te heropenen of eventueel door tarieven op te leggen. Solidaris roept de beroepsgroepen daarom op om hun achterban alsnog aan te zetten zich volledig of gedeeltelijk te conventioneren.Stimulansen zonder randvoorwaarden werken nietDe conventioneringscijfers tonen aan dat tarifaire stimulansen op zich geen betere bescherming voor patiënten garanderen.De wettelijke mogelijkheid voor de minister om tarieven vast te leggen is een cruciale hefboom in het conventioneringsmodel. Solidaris maakt zich dan ook grote zorgen over het feit dat deze bepaling op niveau van de arrondissementen zou worden geschrapt, zoals in het ontwerp van kaderwet over de conventionering het geval is.Solidaris pleit er voor om dit beschermingsmechanisme juist te versterken. Het is essentieel om de toegankelijkheid van zorg te verzekeren wanneer overleg niet in alle arrondissementen leidt tot voldoende tariefbescherming. Of op zijn minst als de gedeeltelijke conventie slechts voor de helft te laten meetellen in de conventioneringsgraadSpecialistencrisis bij de artsenBij huisartsen is tussen 2024 en 2026 de conventioneringsgraad lichtjes gestegen, bij de artsen-specialisten zien we opnieuw een daling. Ziet het beeld er op het eerste gezicht gunstig uit, dan verhullen de conventiegraden hoe voor patiënten in bepaalde regio’s de toegang tot betaalbare zorg onder druk komt te staan.Het zorgsysteem wordt zo steeds dualer. Aan de ene kant staat de huisartsgeneeskunde, die dankzij een toetredingsgraad van ruim 90% de ruggengraat van de toegankelijke zorg vormt. Aan de andere kant zien we een specialistensector die stilaan gefragmenteerd raakt en waarbij essentiële disciplines in bepaalde regio’s van Vlaanderen de conventie massaal hebben verlaten.TABEL 1: VERHOUDING CONVENTIONERINGSGRAAD HUISARTSEN VS SPECIALISTENDe drijfveren voor huisartsen om geconventioneerd te blijven zijn divers, maar het behoud van het sociaal statuut en de premies voor het beheer van het GMD spelen hierbij vermoedelijk een sleutelrol.Terwijl de totale conventiegraad voor specialisten rond de 82% schommelt, zijn er tal van disciplines waar de conventie niet langer de norm is, maar veeleer de uitzondering. Dit geldt in het bijzonder voor technische en esthetische specialismen.TABEL 2 : ARRONDISSEMENTEN MET LAGE CONVENTIEGRAAD IN PROBLEEMDISCIPLINESVoor de patiënt is de realiteit van 2026 dat de postcode en de aard van de aandoening bepalen of zorg betaalbaar blijft. Wie in Aalst een radiologisch onderzoek nodig heeft of in Kortrijk een gynaecoloog bezoekt, heeft minder dan 20% kans op een behandeling tegen het officiële tarief. Deze ongelijkheid vraagt aandacht want ze ondermijnt het principe van de universele gezondheidszorg.Lees het persbericht als PDFPerscontactKatrien De Weirdt | Woordvoerster SolidarisRoeland Byl | Stafmedewerker persT 02 515 05 12 | G 0470 27 58 79 | E pers@solidaris.be

19-03-2026

Persberichten
Maximumtarieven dreigen orthodontie duurder te maken

Solidaris waarschuwt dat toegankelijkheid van orthodontie onder druk staatEen behandeling orthodontie kost in Vlaanderen al snel meer dan het dubbele van het officiële tarief. Patiënten moeten meer dan de helft van dat bedrag zelf betalen. Die verontrustende cijfers komen naar boven in een recente data-analyse bij Solidaris-leden. “Het toont hoe hard de toegankelijkheid in de tandzorg onder druk staat”, zegt Paul Callewaert, algemeen secretaris Solidaris. “Zeker voor wie het financieel minder breed heeft, gaat het om veel geld. Het nieuwe tarievenakkoord voor 2026–2027 dreigt de toegankelijkheid nog verder onder druk te zetten. Solidaris vraagt maatregelen om te vermijden dat de patiënt nog meer de dupe wordt.”Orthodontiebehandelingen zijn voor veel Vlaamse gezinnen erg duur. De kostprijs voor een regulier orthodontisch traject is al opgelopen tot ruim het dubbele van het officiële tarief.Het merendeel van de orthodontisten is niet-geconventioneerd en rekent dus supplementen aan. Daardoor loopt de bijdrage die patiënten voor zo’n behandeling zelf betalen op. Ze bedraagt al ongeveer 2095 euro. Wie recht heeft op een verhoogde tegemoetkoming (VT) betaalt 1851 euro zelf.Orthodontie is niet voor iedereen betaalbaarSteeds meer kinderen (9–16 jaar) gaan op consultatie bij een orthodontist. In 10 jaar tijd is dat van 1 op de 4 kinderen naar bijna 1 op de 3 gestegen.Niet elke consultatie leidt tot een volledige orthodontiebehandeling. In 2024 stapte 6,3% van de kinderen die een orthodontist bezochten in een regulier orthodontisch traject.Een sociale kloof is daarbij duidelijk zichtbaar. Draagt 7,1% bij van de kinderen die geen recht hebben op verhoogde tegemoetkoming (VT) een beugel, dan is dat bij de groep die wel recht heeft op VT, slechts 4,4%.Supplementen bepalen de rekeningEen behandeling duurt ongeveer 3 jaar en heeft een wettelijke kostprijs van 1210 euro.Meestal betalen ouders veel meer dan dit wettelijke honorarium. Inclusief de supplementen loopt het totale bedrag voor de behandeling op tot ruim 3000 euro.Uit onze data-analyse blijkt de mediane bijdrage voor patiënten op 2095 euro te liggen. Voor patiënten met recht op verhoogde tegemoetkoming (VT) is dat 1851 euro.Een grote meerderheid van de orthodontisten erkent de tariefakkoorden niet. Daardoor bepalen ze vrij hun tarieven en lijken supplementen jammer genoeg structureel ingebed in de kostprijs.Risico van het akkoord: maximumtarieven zonder beschermingVanaf 1 juli 2026 zijn supplementen voor patiënten met recht op verhoogde tegemoetkoming (VT) verboden. Het nieuwe tarievenakkoord 2026-2027, dat onlangs 60,48% van de tandartsen aanvaard heeft, biedt echter de mogelijkheid tot de invoering van maximumtarieven.In afwachting van een grondige herziening van de wettelijke tarieven in de zogenaamde nomenclatuur, moeten die maximumtarieven tandartsen helpen om ook bij VT-patiënten uit de kosten komen.We vrezen dat patiënten daardoor het bedrag dat ze vroeger in supplementen betaalden, nog steeds zullen moeten ophoesten. De maatregel is geen verbetering voor de betaalbaarheid en toegankelijkheid van de orthodontie.Patiënten dreigen bovendien de dupe te worden van deze tijdelijke maatregel. De maximumtarieven zijn namelijk niet opgenomen in het beschermingsmechanisme van de maximumfactuur (MAF). Die bescherming maakt dat voor financieel kwetsbare gezinnen de eigen bijdrage voor medische zorgen op jaarbasis onder een bepaalde drempelwaarde blijft.Zegt algemeen secretaris Paul Callewaert: “Als maximumtarieven de nieuwe norm worden, betalen gezinnen daarvoor de prijs. Orthodontie mag geen luxeproduct zijn.”Beschermingsmaatregelen nodigSolidaris vraagt om 3 beschermingsmaatregelen te nemen:Zet 18 miljoen euro ongebruikt tandheelkundig budget in voor een hogere terugbetaling van reguliere orthodontische behandelingen, prioritair voor kinderen met VT.Neem de maximumtarieven op in de MAF. Zo blijven gezinnen beschermd als tarieven stijgen.Houd rekening met objectieve criteria die de zorgzwaarte van een behandeling bepalen. Binnen het regulier orthodontisch traject zou er ruimte moeten komen om specifieke medische noden beter te vergoeden vanuit de verplichte verzekering.PerscontactKatrien De Weirdt | Woordvoerster SolidarisRoeland Byl | Stafmedewerker persT 02 515 05 12 | G 0470 27 58 79 | E pers@solidaris.be

26-02-2026

Persberichten
100.000 langdurig zieken doorbreken het cliché van profiteur

Solidaris-studie toont de impact van aangepaste werkhervattingIn België zijn vandaag meer dan een half miljoen mensen langdurig arbeidsongeschikt. In die groep zitten ook langdurig zieken die deeltijds het werk hervatten. Uit een nieuwe studie bij Solidaris-leden blijkt het belang van deze aangepaste werkhervatting voor de re-integratie op de arbeidsmarkt. Het is in essentie een krachtig instrument om de connectie met het werk te onderhouden en de drempel tussen ziekte en werk te verlagen.De terugkeer naar deeltijds werk is vandaag het meest gebruikte re-integratie-instrument. In 2022 ging het om 16% van de werknemers en 23% van de zelfstandigen met een arbeidsongeschiktheid die aangesloten zijn bij Solidaris. Sinds 2019 zien we bij Solidaris het gebruik van de zogenaamde aangepaste werkhervatting oplopen naar 41.000 leden. Dat is een stijging van meer dan 70% in 5 jaar.Voorbij de clichés over langdurig zieken toont onze studie aan dat in 2025 bijna 1 op de 5 mensen met een medische arbeidsongeschiktheid toch professioneel actief blijft. Heel wat langdurig zieken proberen dus juist om een band met de arbeidsmarkt te behouden. Een vaststelling die meer erkenning verdient in het publieke debat.Langdurige ziekte voorkomen, een absolute noodzaakSolidaris stelt vast dat gezondheidsproblemen soms grote gevolgen hebben voor wie langdurig ziek is. Bovendien zijn de uitkeringen vrij laag, wat de levenskwaliteit rechtstreeks beïnvloedt. De situatie is vaak moeilijk en weinig benijdenswaardig.De aangepaste werkhervatting speelt een sleutelrol in de begeleiding van zieke mensen. Terug-naar-werkbegeleiding is een individueel traject, op maat van de persoon. Toch kan dit instrument pas uitgroeien tot een duurzaam en rechtvaardig instrument van het arbeidsmarktbeleid, als het bredere beleid ook inzet op werkbaar werk, preventie, aangepaste loopbanen en structurele verbeteringen van arbeidsomstandigheden. Daarbij moet rekening worden gehouden met de diverse noden van specifieke doelgroepen.Zegt Paul Callewaert: “Het gekozen beleid heeft impact, maar aantal langdurig zieken proberen te verminderen zonder de arbeidsomstandigheden te verbeteren, de zwaarte van beroepen te erkennen of de loopbaanfases aan te passen, heeft weinig zin. Je moet ook de fundamentele oorzaken van arbeidsongeschiktheid aanpakken.“Verantwoordelijkheid van werkgevers vergrotenOp basis van onze ervaring in de begeleiding van zieke mensen, zien we voorts diverse mogelijkheden voor verbetering bij het systeem van progressieve werkhervatting. Belangrijk knelpunt is momenteel de geringe verantwoordelijkheid van werkgevers, zo blijkt uit de analyse bij onze leden.Callewaert: “Werkgevers vormen een essentiële schakel in het proces van een terugkeer naar werk. Zonder hun betrokkenheid is de terugkeer naar deeltijds werk onmogelijk. Als we dit instrument in het activeren van langdurig zieken willen verbeteren, lijkt een wettelijk kader dat de mogelijkheid van progressieve werkhervatting garandeert ons geen luxe. “Solidaris pleit daarom voor een nauwere opvolging van de aanvragen en antwoorden van werkgevers. Bij een eventuele weigering zou er een veplichting moeten komen voor werkgevers om die ook objectief te motiveren.Aanbevelingen voor aangepaste werkhervattingWe benadrukken dat Solidaris zich ten volle inzet voor de begeleiding van langdurig zieken. Zegt Callewaert: “Stabiel werk speelt een essentiële rol als hefboom voor autonomie en welzijn, maar werk is pas emanciperend als het voldoening schenkt, als het vol te houden is en – vooral – als het niet ziek maakt.”Daarom zien we nog een aantal andere aandachtspunten:Voor werkgevers. Aangepaste werkhervatting betekent nog geen aangepast werk. Wij pleiten voor meer aandacht voor werkbaar werk en preventieve acties vanuit de werkgever.Voor de Ziekenfondsen. We kunnen meer duidelijke en toegankelijke informatie over de financiële gevolgen van aangepaste werkhervatting voorzien, zodat onzekerheid over mogelijk inkomensverlies de instap niet ontmoedigt.Voor de overheid en de media. In rapporten en berichtgeving over langdurig zieken ontbreekt nu te vaak een duidelijk onderscheid tussen arbeidsongeschikten die geen activiteit opnemen en zij die progressief werken. Dit is een belangrijke nuance die momenteel in het publieke debat over het hoofd wordt gezien. PerscontactKatrien De Weirdt | Woordvoerster SolidarisRoeland Byl | Stafmedewerker persT 02 515 05 12 | G 0470 27 58 79 | E pers@solidaris.beExtraDit persbericht als PDF-bestandNederlandstalige samenvatting van studie als PDF-bestand

24-02-2026

Persberichten
IMA-studie: Ereloonsupplementen bij ambulante CT en MRI dalen sterk, maar stijgen voor andere beeldvorming

In 2024 werd bij 22% van de ambulante MRI’s en 2% van de CT-scans een ereloonsupplement aangerekend. Deze percentages zijn sterk gedaald in vergelijking met 2021, toen het respectievelijk om 44% en 21% ging. Daarbij is er ook een sterke daling in het totale bedrag aan geattesteerde ereloonsupplementen aan patiënten. Beide dalingen zijn het gevolg van een verbod op ereloonsupplementen voor deze prestaties op werkdagen tussen 8u en 18u. Deze bevindingen staan in een nieuw rapport van het Intermutualistisch Agentschap omtrent de ereloonsupplementen bij ambulante medische beeldvorming in ziekenhuizen. Er is echter een sterke stijging te zien van de ereloonsupplementen voor andere beeldvormingstypes, waardoor het totale volume niet is gedaald.MRI en CT zijn twee medische beeldvormingstechnieken die, omwille van de zware apparatuur, nagenoeg enkel in ziekenhuizen uitgevoerd kunnen worden. Het gaat om dure onderzoeken, waarvan het grootste deel wordt gefinancierd door de verplichte ziekteverzekering. In de ambulante zorg mogen geen ereloonsupplementen aangerekend worden indien de zorgverstrekker geconventioneerd is. Als de radioloog echter niet-geconventioneerd is, en dus niet enkel de officiële tarieven aanrekent maarook ereloonsupplementen, kan de factuur voor de patiënt hoger uitvallen.Om deze prestaties financieel toegankelijk te houden, mogen er sinds 4 december 2023 geen ereloonsupplementen meer aangerekend worden voor CT-scans en MRI’s. Dit is echter wel nog toegestaan voor onderzoeken uitgevoerd door niet-geconventioneerde artsen tussen 18u00 en 8u00, in het weekend of op feestdagen, indien de patiënt hier uitdrukkelijk om vraagt en er geen sprake is van een medische noodsituatie.Dit verbod heeft er toe geleid dat het aantal CT-scans en MRI’s, waarvoor ereloonsupplementen werden aangerekend, sterk is gedaald. In 2024 gebeurde dit voor 2% van de CT-scans (2021: 21%) en 22% van de MRI’s (2021: 44%). Het totale volume van de ereloonsupplementen voor MRI’s is 25% gedaald (van 16 miljoen naar 12 miljoen euro) en voor CT-scans zelfs 87% (van 8 miljoen naar 1 miljoen euro).Tegelijkertijd zijn ereloonsupplementen voor andere types ambulante medische beeldvorming, uitgevoerd door een radioloog in een ziekenhuis, sterk gestegen, van 8 miljoen euro in 2021 naar bijna 20 miljoen euro in 2024. Om die reden is het totaalbedrag van de ereloonsupplementen niet gedaald.Achter deze cijfers gaan grote verschillen tussen de ziekenhuizen schuil. In meer dan de helft van de ziekenhuizen worden geen ereloonsupplementen aangerekend voor MRI of CT-scans. Omgekeerd wordt meer dan 50% van alle ereloonsupplementen voor MRI of CT aangerekend door 10 ziekenhuizen. Over het algemeen zijn dit dezelfde ziekenhuizen waar ook ereloonsupplementen voor andere beeldvormingstechnieken worden aangerekend.In één op zes ziekenhuizen zijn alle radiologen die CT- en/of MRI-scans uitvoeren volledig geconventioneerd. Enkel in die ziekenhuizen heeft de patiënt tariefzekerheid voor deze onderzoeken. In meer dan één op vier van de ziekenhuizen zijn er geen volledig geconventioneerde radiologen die CT- en/of MRI-scans uitvoeren. Het merendeel van deze ziekenhuizen situeert zich in Vlaanderen en Brussel. In deze ziekenhuizen is dus geen tariefzekerheid voor de patiënt voor onderzoeken uitgevoerd tussen 18u00 en 8u00, in het weekend of op feestdagen.BijlagenHet persbericht als PDFDe volledige IMA-studie Perscontact IMASofie Vanassche – 0478 438 726

19-12-2025

Persberichten
Tariefakkoord Tandzorg: de patiënt blijft in de kou staan

Solidaris is ontgoocheld over het tarievenakkoord dat ziekenfondsen en de beroepsverenigingen van tandartsen hebben gesloten. Net als bij de stemming in de Medicomut stemden we ook in de Dentomut tegen het voorstel. “Het is problematisch dat de patiënt in dit akkoord zo flagrant uit oog is verloren”, vindt algemeen secretaris Paul Callewaert. Vanaf 1 juli 2026 geldt voor alle tandzorg een verbod om ereloonsupplementen aan te rekenen aan wie recht heeft op verhoogde tegemoetkoming (VT). Althans in theorie. De opdracht van het beleid benadrukte dat de kwetsbare patiënten voor wie een supplementenverbod geldt vanaf 1 juli 2026, beschermd moeten worden tegen uitsluiting. Die boodschap was op diverse plaatsen te lezen en te horen: in de opdrachtenbrief van de regering, via de commissie voor gezondheidszorgdoelstellingen en in de begroting die de Algemene Raad had goedgekeurd. Concreet betekent dit dat de honoraria van bepaalde tandzorgen moesten worden opgekrikt om te vermijden dat tandartsen patiënten weigeren omdat ze hen niet langer willen behandelen tegen de te lage tarieven die tot op heden in de ziekteverzekering gelden. We stellen vast dat het akkoord er niet voor kiest om de beschikbare budgetten gericht in te zetten ter bescherming van de patiënt. De akkoordencommissie heeft echter onbegrijpelijke keuzes gemaakt die enkel in het voordeel van de tandarts zijn. Zegt Paul Callewaert: “Dit is een akkoord ja, maar dan wel een waar vooral de tandarts beter van wordt. En de patiënt? Die blijft in de kou staan en mag dieper in de buidel blijven tasten. Dit is meer dan een gemiste kans. Eigenlijk een afgang.” Hogere plafonds, hogere patiëntenfactuur Het tarievenakkoord staat toe dat tandartsen voor een reeks conserverende behandelingen, zoals vullingen of restauraties van tanden en kronen, supplementen mogen aanrekenen tot een bepaald plafond. De bijkomende toeslag in dit akkoord liggen tot 3 keer hoger dan de gemiddelde supplementen die we vandaag vaststellen op basis van cijfers uit onze aanvullende verzekeringen. Als die maximale plafonds effectief worden aangerekend, kan de totale factuur voor patiënten oplopen tot 74 miljoen euro. Ook orthodontie valt onder dit akkoord. In het verleden werd het honorarium voor orthodontische tandzorgen stiefmoederlijk behandeld. Het supplementenverbod voor voorkeurgerechtigden is dus hét moment om een inhaalbeweging te doen. Voor een standaard orthodontische behandeling (18 opvolgsessies met 2 apparaten), waarvoor de ziekteverzekering 995 euro terugbetaalt aan patiënten met VT, mag een orthodontist toeslagen aanrekenen van 2.250 euro. De toeslagen liggen daarmee 45% hoger dan de mediaantarieven die de orthodontisten vandaag hanteren. Indien de nieuwe maxima worden toegepast, dreigen patiënten met VT samen t emoeten opdraaien voor ongeveer 41 miljoen euro. Terwijl het de bedoeling was dat voor deze patiënten vanaf 01 juli 2026 deze kosten net zouden afnemen of verdwijnen. Callewaert: “Bij de stemming van dit akkoord blijkt de patiënt niet echt het middelpunt van de onderhandelingen geweest te zijn. Dat valt af te leiden uit het feit dat men voor deze nieuwe toeslagen en tarieven zelfs vergeten is de maximumfactuur te activeren. Nochtans een maatregel die minister Vandenbroucke had vooropgesteld. De schaamte voorbij.” Minder uren tegen conventietarieven Bovendien stellen we vast dat het aantal uren dat een gedeeltelijk geconventioneerde tandarts verplicht wordt om de tarieven uit het conventie-akkoord toe te passen, daalt van 32 naar 20 uur per week. In die uren mag de tandarts in kwestie geen supplementen aanrekenen. De klap op de vuurpijl daarbij is dat de vermindering van het aantal uren waarin de afgesproken tarieven worden gerespecteerd, gepaard gaat met het gelijktrekken van de premie voor het sociaal statuut tussen deeltijds en voltijds geconventioneerde tandartsen. Begrijpe wie kan, maar dit boort het voornemen om het statuut voor de volledig geconventioneerde tandartsen aantrekkelijker te maken volledig in de grond. Het had nochtans anders gekund Solidaris heeft tijdens de onderhandelingen voorgesteld om de toegang tot orthodontische zorg voor kinderen met VT-statuut te garanderen. Ons voorstel was om voor een standaard orthodontische behandeling de nomenclatuurtarieven in de verplichte verzekering te verhogen. Om dat mogelijk te maken wilden we het beschikbare budget van 20 miljoen euro binnen de doelstelling voor tandzorg gebruiken om in een verhoogde terugbetaling voor mensen met recht op VT te voorzien. Concreet zou ons voorstel het terugbetaalde bedrag van de aangehaalde orthodontie-behandelingen optrekken van 995 euro naar 2.063 euro. Het supplement zou dan beperkt blijven tot 1182 euro – een bedrag dat wij wilden opnemen in het systeem van de maximumfactuur. Ook de 13 miljoen euro die nu zonder enige objectivering bovenop de index aan het reeds voldoende betaalde jaarlijkse mondonderzoek wordt toegewezen, kon worden ingezet voor een betere terugbetaling van de orthodontische behandelingen. Het zou het persoonlijk aandeel voor de voorkeurgerechtigde rechthebbenden hebben doen slinken tot minder dan 500 euro. Wat door de maximumfactuur zou kunnen worden opgevangen. Dit zou historisch zijn geweest. En het tandartsenbudget zou daarbij volledig intact blijven. We benadrukken dat het sowieso om een tijdelijke maatregel zou gaan, in afwachting van de hervorming van de nomenclatuur. Onze maatregel zou bovendien het budgettaire evenwicht van het akkoord niet verstoren en was een compromis: betere toegang voor VT-patiënten én voldoende stimulans voor orthodontisten om zich te engageren. We weten nog altijd niet waarom de andere mutualiteiten en de tandartsenvertegenwoordigers dit voorstel hebben afgewezen. Lees het persbericht als pdf Perscontact Katrien De Weirdt | Woordvoerster SolidarisRoeland Byl | Stafmedewerker persT 02 515 05 12 | G 0470 27 58 79 | E pers@solidaris.be